Gear review: Inov-8 Race Ultra 290

Race Ultra 290 M Nav Lim 2-14 dames

 

 

 

 

 

 

Het is al weer een aantal maanden dat Inov-8 de Race Ultra 290 verkoopt en ik er een paar van in huis heb. Al een aantal jaren ben ik fan van de trailrunning schoenen van Inov-8. Zo heb ik de RocLite 295 gehad in het verleden en heb ik de TrailRoc 255 en de X-Talon 212 vaak aan. De X-Talons zijn lekker minimalistisch met 6 mm drop en hebben, naast een preciezere pasvorm, een enorme massa grip op modder en rotsen door flinke noppen. De fellrunning oorsprong van het Britse merk komt hier duidelijk naar voren. Hier lees je een review van me over deze schoenen.

Voor de ‘normale’ trails in Nederland en België heb ik de TrailRoc 255. Ook redelijk minimalistisch (6 mm heeldrop), met een soepele zool en voldoende ruimte voor de tenen door de ruime toebox. De 4 mm noppen geven voldoende grip op de meeste ondergronden en ook op stukken verharde weg kun je er prima uit de voeten. Mijn favoriete schoenen op dit moment. Ik heb inmiddels mijn tweede paar al bijna versleten. Op lange afstanden, zeker als de ondergrond veel stenen en boomwortels bevat, heb ik echter nog wel eens dat mijn voeten op een gegeven moment toch gevoelig beginnen te worden doordat de stenen door beginnen te drukken.

alledrie

 

(v.l.n.r  mijn Inov-8 verzameling: X-Talon 212, TrailRoc 255 en de Race Ultra 290)

Blijkbaar ben ik daar niet de enige in, want de Race Ultra 290 is speciaal voor de lange afstand ontworpen. Minder minimalistisch met 8 mm heeldrop en robuuster en stugger van zool. Een ruime pasvorm om zwellende voeten in een ultra ruimte te geven. Genoeg profiel om de gemiddelde trail goed aan te kunnen en toch demping om stukken hard pad en asfalt comfortabel te doorstaan. Een heleboel mooie marketingkreten. Maar schoenen die goed zeggen te zijn in alles blinken meestal ook niet echt uit. Tijd om het maar eens in de praktijk te testen.

Tijdens het passen bij Runvision zaten de schoenen voor mijn gevoel ruimer dan mijn TrailRoc 255, terwijl het dezelfde maat is. Niet onprettig los echter. Waarschijnlijk inderdaad wel lekker als je vele uren op de been bent tijdens een 50+ km wedstrijd. Tijdens mijn eerste trainingsloop zaten mijn hielen voor mijn gevoel toch wat los in de schoen, maar dat was snel opgelost door de manier van veteren wat aan te passen m.b.v. de achterste oogjes. Zie onderstaand voorbeeld (ander merk en model schoen, maar het gaat om de veters 😉 )

veter

 

De dunne platte veters blijven goed vastgestrikt zitten, zeker als ze wat nat worden. Ze zijn ook niet te lang, zodat je geen lussen krijgt die achter iedere struik blijven hangen. Details natuurlijk, maar mooi dat er aan gedacht is. Het bovenwerk is van een mesh die absoluut geen water afstoot. Je hebt dus heel snel natte voeten als je in nat gras of door plassen loopt, maar je voeten zijn ook heel snel weer droog. En lekker luchtig bij warm weer waardoor je geen soppende zweetvoeten hebt in de zomer. Geen bovenwerk om een survivalrun of een obstacle run mee te doen dus, maar daar zijn ze ook niet voor gemaakt. Wel genoeg bescherming gelukkig om je tenen wat te beschermen tegen stenen en boomwortels, maar het zijn geen bergschoenen natuurlijk.

De zool is natuurlijk ook belangrijk. 4 mm noppen en meerdere soorten rubber moeten grip geven op rotsen, zand, modder etc. De meeste lange trails en ultra’s (waar ik aan mee zou willen doen) zijn niet extreem modderig en vereisen geen klauterpartijen over alpine rotspartijen. En dus zijn deze schoenen daar precies voor gemaakt. Genoeg grip in allround terrein (net als de TrailRocs), maar in zware modder partijen en glibberige rotspartijen moet je echt andere schoenen aandoen. Maar heuvelop en -af is geen enkel probleem door de diverse richtingen waarin de nopjes staan.

zool

De iets hogere drop (8 mm) maken vooral het lopen van lange afdalingen wat comfortabeler. Aangezien je vooral bij het afdalen, en zeker als je moe wordt, toch vaak iets meer op de hielen gaat landen is dat niet verkeerd. Op vlakker gebied verhinderen die paar mm drop gelukkig niet dat je een midden/voorvoetlanding maakt, maar ze zijn dus een stuk ‘vergevingsgezinder’  dan bijvoorbeeld 4 mm drop schoenen als je moe wordt en wat slordiger in je techniek wordt. Daarmee wordt het meteen een prima schoen voor lopers op ‘conventionele schoenen’ die eens wat minimalistischer willen lopen

De pasvorm is zoals gezegd lekker losjes, maar zonder dat je de hele tijd in de schoen loopt te schuiven bij klimmen of dalen. Ik heb ze inmiddels al een aantal keren aangehad op langere lopen, hoewel deze niet langer waren dan hooguit 30 km. Na meer dan honderd km heb ik er wel een redelijk beeld van hoe ze zullen gaan voelen op een echte ultra. Ik vind ze inderdaad wel comfortabel aanvoelen op de lange afstand. Niet zo minimalistisch dat je altijd super gevoel met de ondergrond hebt, maar toch nog wel meer dan ik van tevoren gedacht had. Wel even wennen als je ze aandoet dat je duidelijk meer zool onder je voet hebt, maar al heel snel denk je daar niets meer van.

En doordat de zool iets stugger is drukken stenen en wortels inderdaad niet zo door in je voet, waardoor je langer kunt lopen zonder dat je voeten zo vermoeid van het corrigeren worden als normaal met minimalistische schoenen.  Hierdoor kun je op het eind hopenlijk wat meer energie in het lopen stoppen in plaats van het continu letten op iedere steen. Minder gevoelige voeten na een lange loop blijkt tot nu toe echter altijd relatief, aangezien je toch steeds weer een nog langere loop op het programma zet…

Samengevat is een lekker lichte schoen die doet wat beloofd wordt en wat mij betreft een mooie aanvulling van mijn trailschoenen verzameling. Het juiste gereedschap voor de trailklus wordt zo weer een stuk beter uitvoerbaarder. Ook mooi is dat er een ook een dames model is en dat de schoen insparingen heeft in het bovenwerk waar je speciale gaiters aan kunt bevestigen om sneeuw, modder en ander ongerief uit je schonen te houden. Ik heb die echter niet aangeschaft en kan daar dus geen mening over geven, hoewel het met de winter in aantocht misschien wel een nuttige aanschaf zou kunnen zijn.

 

 

 

Trailen genieten? Het is waar!

DSC07458

Door Erwin Wamelink

Als ik zondagochtend om 04.35 uur strompelend en brallend de kroeg verlaat, ben ik nog niet bezig met de Slingetrail, die over luttele uurtjes op het programma staat. Dit is een zorg voor later. Maar helaas kwam later sneller dan gehoopt. Nog voordat de wekker mij van mijn broodnodige nachtrust kan beroven, staat moeders als lachend naast mijn bed. “Hoe laat moet je bij Ava zijn?” Bij Ava zijn, waar heb je het over? Oh nee toch, die kut trail, helemaal vergeten!

Een snelle douche, een beetje deodorant en vlot even de tandjes schrobben. Vluchtig werk ik nog even een banaan naar binnen, want meer krijg ik niet weg. Ik spring op mijn fiets en nog een tikkeltje beschonken peddel ik naar Ava. Daar staan een aantal vrolijke clubgenoten mij al op te wachten. Ze hebben er duidelijk zin in, nu ik nog. Bij Camping ‘Het Winkel’ de uitvalbasis van de Slingetrail, is het al behoorlijk druk. De geelhemden uit Aalten hebben zoals gewoonlijk een behoorlijk aandeel in deze drukte. Het sfeertje is anders dan bij een ‘normale’ hardloopwedstrijd. Overal wordt gelachen en niemand lijkt last te hebben van zenuwen. De vrolijkheid spreekt mij op deze vroege ochtend nog totaal niet aan. Ik ben wel met mensen in gesprek, maar met mijn gedachten lig ik nog in mijn nest. De ochtend gaat als een roes aan mij voorbij.

Normaal doe ik alle moeite om op de eerste startrij te komen, maar hier maak ik mij nu helemaal niet druk over. De eerste kilometer duurt voor mijn gevoel een klein kwartier. Om de haverklap staan we stil. De smalle bospaden zijn niet berekend op de grote drukte. De ‘wandelstukken’ biedt de lokale moppentapper het podium om een leuke grap te maken. Een kale man van rond de 50 schreeuwt: “Als het nog lang duurt, wacht ik nog ff. Mijn vrouw heeft toch pas om zes uur het eten klaar.”Een wat dikkere man, met een iets te klein blauw shirtje heeft ook zijn lolbroek aan. “Ja lekker dan, daar gaan mijn kansen op de overwinning.” Iedereen lacht en ik glimlach uit beleefdheid ook maar mee. Als de paden breder worden geef ik gas. Nu laat ik die trailers wel even zien wat hardlopen is.

Ik neem een trail alles behalve serieus. Ik vergelijk het met,  een tourtochtje bij het schaatsen, of met zo’n ATB-ritje. De trail is iets voor middelmatige recreanten. Hardlopers die het eigenlijk geen hardloper mogen noemen. En ja hoor, zoals gewoonlijk word ik weer met mijn vooroordelen om mijn oren geslagen. Na een kleine vijf kilometer ben ik verzuurd tot in mijn nekvel. Ik word aan alle kanten ingehaald en ik krijg een beetje zelfmedelijden. Als ik na 8 kilometer ook nog op een sukkelige manier op de grond kletter, voel ik me echt zielig. Een boomwortel duikt uit het niets voor mij op en gaat ook niet meer aan de kant. Als een oude man die zijn lenzen aan het zoeken is op het tapijt, kruip ik over de zandweg. Dat trailen is moeilijker dan gedacht.

Als de vuilnisbult in het zicht komt, dit is ruim over de helft, begin ik zowaar plezier te krijgen in het trailen. De afdalingen, beklimmingen, modderige paadjes, karrensporen en boomstammen, zie ik niet meer als belemmeringen maar als uitdagingen. Langzaam word ik omgetoverd van verwend baanatleetje tot oermens. Af en toe begin ik zelfs te grommen. Na de laatste drankpost (12 kilometer) geef ik nog even gas. De laatste zes kilometer gaan geweldig. Ik haal jan en alleman in en de glimlach is niet meer van mijn gezicht te slaan. Om met de woorden van Gerben Duenk te spreken: het is genieten!

Als ik na het laatste obstakel, een stervenskoud beekje, de camping bereik, vind ik het jammer dat ik er al ben. Als 43e man passeer ik de finish na 1 uur en 36 minuten. Een nietszeggende prestatie, maar dat kan me weinig schelen. Heerlijk om zo anoniem rond te draven. De tijd en de klassering zijn van ondergeschikt belang. Als ik het restaurant in schuifel, staat er een dampend bord ‘stamppot moos’ op mij te wachten. Man man man, wat een feest. Ik ga niet zeggen dat ik nu wekelijks mijn ‘hoka’s’ aantrek, maar ik maak nu wel een klein beetje deel uit van de hechte trailfamilie.

Montferlandse Toppen Route als uitdaging

kaart

Het lijkt er op dat de Monferlandse Toppen Route bekendheid begint te krijgen als serieuze uitdaging. Nadat ik er al een paar keer over geschreven had zijn er inmiddels verschillende lopers die een knappe tijd neergezet hebben.
De snelste tijd die bij mij bekend is, is die van Pascal Schepers in 2:32:06. Jorik Huizinga staat op een goede tweede plek met 2:46:48. Ik ben benieuwd wat er mogelijk is, maar ook voor de lopers die liever langer genieten is het een aanrader. Linksom lijkt de route iets sneller te zijn dan rechtsom, maar het grootste verschil zit hem waarschijnlijk in waar je start. Zelf start ik meestal vanaf de parkeerplaats bij ’t Peeske net buiten Beek en dan loop ik de route met de klok mee. Dan heb je wel de zwaarste heuvels op het laatst.
Ook op MudSweatTrails is er inmiddels aandacht aan geschonken. Ik denk dat komende winter het record nog wel een paar keer gaat sneuvelen. Heb je een snelle tijd, laat het weten!

Gear review: Inov-8 X-Talon 212

Al enkele jaren ben ik een tevreden gebruiker van de Inov-8 TrailRoc 255, waar ik ook al eens een review over schreef. Fijne allround trailschoen waar ik alle trails van de afgelopen twee jaar mee heb bedwongen en nog steeds eerste keus voor mij op de langere afstanden. Als je echter een keer een parcours hebt met veel keren en draaien in vette modder, zeker als dat gecombineerd wordt met steile klimmen en afdalingen, kom je toch wel eens grip tekort. Tijd om mijn arsenaal eens uit te breiden met een paar echte moddervreters.

Op zoek naar het juiste gereedschap voor deze ‘klus’ kwam ik in het assortiment van Inov-8 uit bij de Off Trail sectie. De schoen die dan toch nog wel wat geschikt is voor wat harde ondergrond, maar verder een echt  ‘gripmonster’  is daar de X-Talon. Mijn keus om eens te testen viel op de X-Talon 212. Inov-8 zelf promoot deze schoen als DE schoen voor off-road racen, waarbij ze dan zowel bergwedstrijden, trailrunning, crosscountry en OCR (Obstacle Course Racing) als doel noemen. Wat zijn dan de redenen waarom ze zo enthousiast zijn over deze schoen? Tijd om het eens te proberen.

2284600-p-MULTIVIEW

Ik kon gelukkig de schoen eerst even in de hand houden en passen voor ik hem aanschafte bij Runvision, want het aantal dealers waar daadwerkelijk spullen van Inov-8 te passen zijn valt nog steeds tegen. Het eerste wat opviel toen ik ze oppakte was het gewicht, hoewel dat uit de naam al op te maken was. 212 Gram is een bijzonder licht schoentje , een echte racer dus en zo voelt het ook als je ze aan doet. Een groot gedeelte van de gewichtsbesparing zit in de lichtgewicht mesh bovenkant. Dicht genoeg om modder en zand te beletten naar binnen te dringen. Waterproof zijn ze zeker niet, maar juist doordat water heel makkelijk binnen dringt ben je het ook zo weer kwijt. Je hebt dus zo weer redelijk droge voeten.

De schoen sluit vrij nauw om de hak en voet maar geeft toch de tenen de ruimte om te bewegen door een ruime toebox. Dat voelt lekker direct aan, zeker in draaien en keren op hellingen, springen, remmen etc.  zonder dat je meer last hebt van blaren op je tenen of blauwe nagels. Het feit dat er geen harde achterkant (contrefort) in de hiel zit zal voor veel lopers eerst wat wennen zijn, voelt misschien als wat minder steun. Door de pasvorm wordt dat echter opgevangen en al heel snel voelt het heel natuurlijk.

Het belangrijkste van de schoen zit hem echter niet alleen in de bovenkant, maar vooral in de zool. Met een dunne tussenzool en een heeldrop van 6 mm valt deze schoen bij Inov-8 onder ‘overgangsschoen’ naar nog minimalistischer modellen. Niet alleen voor wedstrijdlopers dus, maar ook voor lopers die een langzame overstap naar minimalistischer lopen willen maken. Door de dunne tussenzool voelt het lopen heel direct, iedere steen of oneffenheid voel je meteen zodat je er op kunt reageren. De metaflex ‘stralen’ in de zool verdelen echter wel de krachten die het trappen op een puntige steen oplevert, zodat het wel degelijk je  voet beschermt.

x-talon-212-sole

En last but not least de grip die het profiel oplevert is fenomenaal. De noppen bijten in de ondergrond en geven zowel in modder en zand als op rotsachtige ondergronden grip zoals ik die tot nu toe nog niet eerder in mijn schoenen had. Door de vorm lijkt het alsof modder er ook niet echt in vast gaat zitten, waardoor de grip behouden blijft. In de Xtrails liep ik er o.a. mee op een parcours dat voor werelbeker MTB wedstrijden was gebruikt, met afwisselende leemachtige ondergrond en rots. Zowel steil omhoog als steil omlaag had ik echt beduidend meer grip dan met mijn TrailRocs waardoor ik me een stuk zekerder voelde, vooral in het afdalen.

Hoewel het geen schoen is om langere afstanden op hardere ondergronden af te leggen leveren de noppen toch wel iets van demping op, waardoor het dus niet persé alleen een modderschoen is. Maar in de basis is deze schoen gebouwd op snelheid en vooral grip, ideaal dus inderdaad voor sporten als cross-country, survivalruns, obstacle course races als Mudmasters en dergelijke. Voor trailruns en berglopen zijn ze zeer geschikt zolang het gaat om kortere wedstrijden (tot een km of 30) waarbij grip en snelheid het belangrijkst zijn. In trainingen heb ik ze tot ruim 20 km gedragen, zonder problemen. In wedstrijden tot nu toe slechts tot ruim 15 km, maar daarbij had ik het gevoel dat ik er rustig verder mee zou kunnen lopen.

Langere wedstrijden of wedstrijden met veelal hardere ondergronden zijn, denk ik, voor de meeste lopers dan te belastend. Maar daarvoor heb ik dan ook mijn trouwe TrailRocs 255 in de kast staan. En mocht ik nog vaker het idee hebben om eens echt lange wedstrijd te gaan doen, inmiddels heeft Inov-8 ook de RaceUltra 290 uitgebracht. Een echte Ultratrail schoen voor afstanden van 100K+, maar of ik daar zelf klaar voor ben? De tijd zal het leren.

 

Zwerfloop Hengelse Zand

Afgelopen zaterdag was het Hengelse Zand (bij Veldhoek) het doel van mijn favoriete trainingsvorm: een zwerfloop met wat maatjes. Hiermee bedoel ik eigenlijk simpelweg een eind weglopen in een gebied wat je niet (goed) kent en dan ieder leuk paadje pakken wat je kan vinden. Om me een beetje op het (rechte) pad te houden gebruik ik een Garmin Edge 800 met een Open Source Map als kaart. De Garmin houd ik dan met een omgebouwde stuurhouder, waar een horlogebandje aan zit, losjes in de hand zodat ik er makkelijk op kan kijken onderweg.

Het Hengelse Zand is een natuurgebied op oude hoge zandgronden in een verder oorspronkelijk nat en veenachtig gebied. Je vind er een grote variatie in loof- en naaldbomen, wat plukjes heide en wat plekken met stuifzand. Iedere rechtgeaarde Achterhoeker kent het Hengelse Zand in ieder geval van het nummer Oerend Hard van Normaal. Bertus op de Norton en Tinus op de BSA en de hoonder en de vrouwleu stoven aan de kant. Met Bertus en Tinus liep het niet goed af en de rust op het roemruchte crosscircuit is al jaren teruggekeerd. Het is nu een prachtig gebied met vele paadjes waar je prima kunt zwerven.

Het zou afgelopen zaterdag bijna 30 graden worden, een goede reden om vroeg uit de veren te komen. Om 7:00 kwam Emiel me ophalen en reden we naar Veldhoek, waar we de auto bij de sporthal parkeerden. Iets voor half 8 startten we al en liepen we meteen het bos in.

DSC05910

We liepen eerst via de oude Zelhemseweg naar de zuidelijkste punt om dan via een heleboel slingertjes weer terug bij de start te komen. Als deze zandweg door het bos de oude weg was tussen Zelhem en Ruurlo ben ik benieuwd wat een karrespoor er dan een 200 jaar geleden lag. Nadat we van de zandweg het bos indoken begon het zwerven pas echt.

Knipsel

Nadat we een mooi stuk over smalle single tracks hadden gelopen waar blijkbaar bijna nooit iemand kwam deden we een klein uitstapje naar een nabijgelegen bosje. Op zich geen succes, weinig doorgaande paden. Maar wel kwamen we ineens midden in het bos, aan het eind van een vrij ontoegankelijk paadje onderstaand tafereel tegen, heel bijzonder… Was het een plek om iets of iemand te herdenken? Geen idee.

DSC05915

Verderop liepen we van loofbos ineens weer in een oud naaldbos. Blij dat de jongen van de buizerds inmiddels uitgevlogen waren, ik hoorde mama buizerd tenminste wel roepen maar ze vloog rustig verder.

DSC05918

Na ruim een uur lopen en diverse slingertjes door het bos hadden we nog steeds geen enkel moment het bos verlaten. Op zich best bijzonder in Nederland. We genoten dan ook volop van de rust, we hadden ook nog verder niemand gezien in het bos. Ons enige gezelschap bestond uit het vliegende ongedierte die we hier blinzen noemen. Inmiddels liep de temperatuur al wel op, maar het bleef nog lekker. In het bos is het altijd beter wat het weer betreft. Op de kaart had ik gezien dat we richting het enige meertje in het gebied liepen, tijd voor een bezoekje dus.

DSC05920

Een mooi bosmeertje inderdaad, fotomomentje dus. En meteen weer verder lopen , aangezien we anders lek gestoken werden door de blinzen. Inmiddels hadden we er tientallen achter ons aan zitten.

Nu kregen we in het bos iets meer heuveltjes en wallen, maar echte hoogtemeters zaten er niet in vandaag. Maar dat was ook niet het doel. Genieten was het doel en dat lukte prima. Op een paar plukjes heideveld zagen we dat de heide zelfs al weer voorzichtig begon te bloeien.

DSC05923

En uiteindelijk bereikten we de plek die ’t Zand zijn naam geeft. Een minizandverstuiving die waarschijnlijk voornamelijk in stand wort gehouden door hordes spelende kinderen, maar toch een bijzonder mooi plaatje oplevert. Hoewel de foto wat donker lijkt doordat de zon nog niet hoog genoeg stond om op het zand te schijnen.

DSC05925

Het begon nu toch wel behoorlijk warm te worden, zelfs in het bos. Na nog wat mooie omzwervingen hoefden we nog maar een klein stukje te lopen, en zowaar begonnen we nu wat andere mensen tegen te komen. Na ruim 19 km stonden we weer bij onze auto. 2 Uur en 20 minuten onderweg geweest, vooral doordat we vaak even moesten stoppen om op de kaart te kijken.  Gelukkig wel op tijd om de grote warmte voor te zijn, maar toch te vroeg… Het terras, waar we ons in gedachten al een plekje met een koel glaasje fris hadden toegedacht, was nog niet open. Een goede reden om een andere keer weer terug te komen dus.

Klik hier voor de route

Schema 50 KM wedstrijd op 80 km per week

Alweer een tijd geleden heb ik het boek Relentless Forward Progress, a guide to running ultramarathons van Byron Powell aangeschaft. Mooi boek, echt een aanrader voor beginnende en gevorderde ultra(trail)lopers. Praktische tips over de opbouw naar je eerste ultraloop en verder, materiaal, eten en drinken, noem maar op. Onder al deze tips zijn ook een aantal schema’s te vinden met een goede opbouw naar een aantal populaire ultra-afstanden als 50 KM, 50 mijl, 100 KM en 100 mijl.

Het schema dat volgens RFP met een minimaal aantal kilometers naar het uitlopen van een 50 km (trail)wedstrijd moet voeren heb ik bijgewerkt (o.a. van mijlen naar kilometers). Klik hier om het te downloaden. Je kunt het prima gebruiken als leidraad om je eigen schema op te bouwen. Het gaat uit van het principe ‘Wat je traint daar wordt je beter in’ en bevat heel veel rustige duurlooptraining. Die doe je het liefst op een ondergrond die lijkt op de wedstrijden die je gaat lopen, trails dus in ons geval. Zeker de hele lange rustige duurlopen (LSD tempo, zaterdags in het schema) loop je bij voorkeur op trails, al dan niet in bergachtig terrein. De hersteltrainingen bestaan uit korte rustige duurlopen (D1 tempo) en je kunt ze evt inwisselen voor een rustige alternatieve training als mountainbiking, zwemmen of niet al te zware fitnesstraining. Denk er echter aan dat het hersteltrainingen moeten zijn en blijven. De langere duurlopen op dinsdag mogen in D2 tempo of in een combinatie van D1 en D2, maar niet sneller.
De donderdag is de enige dag met tempo’s. In het schema wordt alleen de totale tijd genoemd die op tempo (max D3) gelopen wordt. De verdere invulling mag je zelf bedenken, maar zal meestal uit langere blokken bestaan. 15 minuten kan bijvoorbeeld uit 3×5 minuten tempo bestaan, maar ook uit 5×3 minuten.
In het schema wordt ook gebruik gemaakt van zgn. dubbeldekkers, hierbij wordt de hele lange duurloop verdeeld over de zaterdag en zondag. Dat maakt het voor de meeste mensen wat makkelijker om er ook nog iets van een sociaal leven op na te houden en levert toch de broodnodige trainingskilometers op. Als je liever toch een superlange duurloop doet op zaterdag kun je de zondag als hersteltraining inkorten en de training van zaterdag verlengen.

Voor de andere schema’s zou ik je willen aanraden om het boek aan te schaffen. Zeker geen weggegooid geld.

 

 

 

Zugspitze Supertrail 2013

Ergens in de herfst van 2012 waren trailbuddy André en ondergetekende aan het filosoferen over wat de uitdaging van 2013 zou moeten worden. Na allerlei trailavonturen in de Benelux en Duitsland leek de tijd rijp om de grenzen eens een stukje te verleggen. Daarom dit jaar niet gekozen voor de Tristan Hoffman Challenge maar een trailrun op en om de Zugspitze, de hoogste berg van Duitsland.
In het weekend van 21-23 juni 2013 wordt hier voor de 3de keer de steeds populaider  wordende Zugspitz Ultratrail gehouden. Er zijn dit jaar drie afstanden te lopen, 35,6 km, 71,2 km, 100 km en voor de liefhebbers is er op de vrijdag avond voorafgaand een 6 km Nighttrail. Gezien mijn eerdere ervaringen  op de Mont Blanc besloten we niet  te gek te doen en kiezen we voor de middenafstand, de Supertrail over 68,8 km (wat er uiteindelijk 71,2 bleken te zijn).
Vrijdagmorgen 7.00 uur komt Ivonne André bij mij afzetten en even later vertrekken we richting Zuid Duitsland. Toch al met al een reisje van zo’n 10 uur met enkele Baustellen en omleidingen maar even over 17.00 uur checken we in op de Zugspitze-Camping in Grainau en planten we de camper op een XL-Erlebnisplatz (wat dat ook wezen moge). Even later verkennen we de route richting de start en de Expo in Ober-Grainau waar allerlei activiteiten zijn. We halen onze Startunterlagen op;  een heus Roadbook (ja, ja, ’t is net Dakar) en een zak met Goodies. Niet veel later schuiven we in het Musikpaviloen aan bij de Pastaparty, een onderdeel dat je Duitsers wel kunt laten verzorgen, heerlijk.
Na de pastaparty is er de briefing voor de race en deze wordt opgeleukt door enkele heren van middelbare leeftijd met Lederhosen aan die ritmisch met hun zweepjes knallen. De aanwezige dames likten hun vingers er bij af L. Het leek wel Oktoberfest. Netjes op tijd gingen we weer terug naar de camping om alles in orde te maken voor de volgende ochtend. Tsja, en dan begint het weer hè.  Buienradar kijken, oeps onweer voorspeld, het zal toch niet. Van alles maar klaar gelegd, we zien het morgen wel weer. Nog even een Warsteinertje voor het slapen gaan en dan pitten.
Zaterdagmorgen 6.00 uur; na afgelopen nacht een paar wakker te zijn geworden van wat lichte regen ziet het er nu toch wel redelijk uit. Verstandig dat we zijn nemen we toch maar een dun en een dik regenjasje mee. Om 7.15 uur vertrekken de Shuttlebussen naar de startlokatie, Leutasch in Oostenrijk. Daar aangekomen is het op het dorpsplein al een gezellige drukte en is inmiddels de zon wat doorgebroken en besluit in mijn dikke regenjas en AVA-pak bij de bagagedrop af te geven voor na afloop. Nog even een halfuur in de rij voor één van de twee toiletten en na een inspectie van de verplichte inhoud van de rugzak staan we zo’n 10 minuten voor de start in het startvak met nog circa 450 ander Supertrailers.
Zo’n twee minuten voor negen wordt de start ingezet met het nummer Highway to Hell van AC/DC, dit beloofd heel wat. Na wat na afloop bleek was dit meer  een Highway down to Hell, maar dit komt later. Achter een groen terreinauto van de plaatselijke Rettungsdienst begon de geneutraliseerde start totdat we het dorpje uit waren en een ieder zijn/haar gang kon gaan.
We hadden uiteraard het hoogteprofiel  goed bestudeerd en wisten dat we rustig aan moesten starten omdat de eerste echt zware klim na 9 km zich al aandient en zo’n 7,5 km lang is en waarbij 800 hoogtemeters overbrugt moeten worden (= 10,7%). Net onder de top begon het te waaien en liepen we langzaam de wolken in en werd het zicht minder en daalde de temperatuur zodanig dat we even moesten stoppen om een jasje aan te trekken. Niet veel later stonden we boven op het hoogste punt van de dag, het Scharnitzjoch op 2048 meter en het ging eigenlijk zo makkelijk dat ik even bang was dat ik misschien we iets te hard was gegaan.
De afdaling hierna was het begin van een glibberend vervolg van de dag. Dwars door gletsjers en over maanlandschappen met rondzwervende rotsblokken ging het na beneden. Bij de twintig km kwam André aan het struikelen en viel, gelukkig zacht, in het gras maar de kramp schoot wel in de kuit. Even rekken en weer verder, we hoeven d’r nog maar 50 ;).Daarna kwam er een relatief gemakkelijk tussenstuk van 25 km tot 50 km waarbij het redelijk ‘normaal’ op en neer ging. We bleven netjes ruim binnen de toegestane ‘cut-off’ tijden dus; laat maar komen die laatste 20 km. Nou, dat hebben we geweten. Waar ik bij 50 km nog fris en vrolijk tegen André zei dat ik het nu pas leuk begon te vinden en zelfs opperde om als ik ooit een keertje 100 km in de bergen zou willen lopen ik dit parkoers en deze organisatie perfect zou vinden. Wist ik veel.
Nu begon André ook nog te dreigen om met z’n stokken te gaan slaan toen ik het idee opperde om weer te gaan hardlopen (dribbelen). Niet veel later bereiken we de voet van het bos al waar we over zo’n 7,5 km een hoogteverschil van 1100 meter moesten overbruggen. Oftewel gemiddeld 15%. Er leek geen eind aan te komen. Na elke haarspeldbocht kwamen er weer 5 nieuwe en dan ook nog onbegaanbare paden met omgevallen bomen waar je lekker over heen mocht klauteren.

Niet getreurd; na een korte pitstop halverwege kwamen we na ruim 10,5 uur aan bij de verzorgingspost bij het Talstation Längenfelder waar we ons weer eens lekker lieten verwennen op tomatensoep met noedels en warme iso-thee. Daarna ging het weer verder omhoog naar de top op 2029 meter bij Bergstation Alpspitzbahn. Nu was het nog ongeveer 14 km te gaan tot de finish.Het eerste stuk ging over een brede rotsweg waar je goed kon lopen/wandelen maar bij het restaurant op 1709 meter aangekomen ging de helling naar 30% en was het echt niet meer leuk. Even doorbijten nog en we zijn op het hoogste punt, tijd voor een fotootje en nu lekker afdalen. Nou ja, lekker? Weer verschrikkelijke glibberige, gevaarlijke en dus technische stukken waarbij je de voorafgaande 60 km door de bovenbenen brullen. Bijna 2 uur hebben we over dit ‘lusje’ gedaan maar nu gaat het echt van laatste verzorgingspost naar de finish in Grainau.

Het kriebelt inmiddels weer en ik begin enthousiast te dribbelen en denk even zo de 6 km af te gaan leggen. Na 200 meter is het al duidelijk, weer een verschrikkelijk technische afdaling door een spekglad bos met rondslingerende rotsblokken. In het bos wordt het snel donker en besluiten we onze hoofdlampen op te zetten. Op een sukkeldrafje (voetje-voor-voetje) gaat het bult af waarbij zeer regelmatig enkele suïcidale locals ons voorbij komen stuiven alsof het bij hun niet steil naar beneden gaat en glad is. Oftewel ons gebrek aan trainingsmogelijkheden in dit soort omstandigheden komt schromelijk bovendrijven.

We hebben het allebei wel een beetje gehad en na het passeren van enkele kampvuren van de Berg-Rettungsdienst die de hele nacht op de berg bivakkeren sjokken we eindelijk Grainau binnen. Een eindsprint zat er niet meer in maar trots op onze tocht door de Alpen komen we naar 14 uur en 6 minuten steenkapot over de finish. Chip inleveren, droge kleren aan en lekker douchen op de camping. Niet dus, boiler kapot. Dan maar een kattewasje met koud water en iets voor half twee, het is inmiddels zondag, eindelijk rust.

Voor de niet-ultra-trailrunners onder u volgt hier even kort een opsomming van wat je op zo’n avontuur in de bergen in één dag allemaal eet en drinkt tijdens het lopen;

5x een Camelbag met 1 à 1,5 liter water.
Bij elke van de 7 verzorgingsposten 2x 250 ml water/isodrank en een blikje Energiedrank à 250 ml.
3x Isothee à 300 ml
3x 300 ml Tomatensoep met noedels
6 stuks energierepen
2 Herbalife shakes à 400 ml.
5 gelletjes

Je ziet dus dat het circa 14 liter vloeibaar eten en drinken is en bijna geen vast voedsel. Het calorieverbruik is volgens de geleerde horloges zo’n 12.500 kCal; oftewel wat een manspersoon in 5 dagen mag eten. Kun je nagaan hoe die XXL-Burger zondag op de terugweg smaakte.

Overige statistieken: op onze afstand kwamen er 445 atleten aan de start en wij zijn op plaats 319/320 geëindigd en zoals gebruikelijk in de tweede helft van de middenmoot.

In de uitslagen stond ook nog een Hans Derksen uit Aalten (1963) die de Basetrail heeft gelopen maar ik ken hem (nog) niet. Maar dat kan na dit verslag zo maar veranderen en hebben we er bij AVA nog een Trailrunner bij, ha, ha.Kortom en samenvattend was het weer een onvergetelijk avontuur en André bedankt voor de gezelligheid en wie na het lezen van dit verslag niet kan wachten; er komt binnenkort vast wel weer een nieuwe uitdaging (alleen deze week nog effe niet), dus meld je massaal aan.
Groeten,Henrie
Klik op de link voor fotoalbum Geert Wevers